Kunststof model bovenleiding inspectie locomotieven (acculocomotieven) NS 81 en 82 (ex. HSM)


Prototype in NS uitvoering. In de definitieve versie is het bovendeel van het hekwerk rood en is het model van messing geŽtste nummerplaten voorzien.


Dit model in HSM uitvoering zonder hekwerk, met lampen op het dak, klaar om te spuiten.


Het model in HSM / NS uitvoering met inspectierek op het dak, klaar om te spuiten.

Geschiedenis

Deze acculocomotieven werden in 1908 gebouwd voor de HSM. Ze waren bedoeld om de elektrische treinstellen van de ZHESM uit de werkplaats te Leidschendam te trekken. Deze werkplaats had i.v.m. de veiligheid geen rijdraad in de remise. De locomotieven werden niet bij het ZHESM materieelpark ingedeeld maar dat van de HSM. 

Beide locomotieven waren gebouwd door Machinefabriek gebr. Wieman uit Brandenburg (Duitsland) voor fl. 2048,30. Ze hadden twee gelijkstroom seriemotoren en een trekkracht van 1380kg bij 14km/u. Ze waren verder van een handrem en een elektrische kortsluitrem voorzien. De accuís bevatte 144 cellen met 300 A/h. De luiken in de neuzen werden aan de voorkant omhoog geklapt. Op het dak waren vier koplamoen aangebracht. Langs de zijwand bevonden zich opstaptreden om op de huiven te klimmen en de lampen te onderhouden.
De locomotieven waren van standaard HSM aspotten (latere NS W1 aspotten) voorzien, hadden open korfbuffers en een gedeeltelijk open zijwand. Daarmee week de inrichting voor het personeel niet veel af van de stoomlocomotieven in de rangeerdienst. Er was een leren tochtgordijn tegen de zijwand aangebracht om de grootste kou buiten te houden.

Al in 1909 werden deze machines gebruikt bij controles aan de bovenleiding. Daarbij werden twee HSM CHDís gebruikt die hiervoor van een montage / inspectierek op het dak waren voorzien.

In 1916 (loc 201) en 1917 (loc 202) werden beide machines omgebouwd tot zelfrijdende bovenleiding inspectiewagens. Daarbij werd op het dak een rek aangebracht. Het rek steunde op de hoeken van de cabine op stalen U profielen. Het rek was van een hekwerk rondom voorzien waarvan het bovenste deel neergeklapt kon worden om binnen het profiel van vrije ruimte te blijven. Onder het rek was een in twee delen uitschuifbare plank gemaakt zodat men ook buiten het hart van het spoor inspecties kon uitvoeren. Op het dak werden een aantal materiaal- en gereedschapskisten aangebracht.
Op het bordes kwamen vier kleine liertjes waarvan de kabel aan de voorkant van de deksels van de accubakken was gemonteerd. Men kon de zware plaatstalen deksels nu vrij makkelijk openen voor onderhoud aan de accuís.
Om de ruiten tegen vallende materialen en gereedschappen te beschermen werden er roosters voor geplaatst.
De lampen op het dak vervielen, aan de zijwand kwamen precies in het midden boven de deur twee permanente rangeerlantaarns.
De maximum snelheid van 14km/u was te laag voor werk op de baan door de lange rijtijd tot de werkplek. Door een veldverzwakking op de motoren toe te passen werd de maximum snelheid verhoogd tot 25km/u.

Na 1926 werden de locomotieven niet langer voor de rangeerdienst gebruikt maar enkel voor inspectiewerkzaamheden. Trekkracht was geen vereiste meer en daarom werd in 1928 de tandwiel overbrenging aangepast zodat de maximum snelheid werd verhoogd tot 40km/u. Ze bleven wel in Leidschendam gestationeerd maar werden voortaan ook op andere lijnen voor inspectie aan de bovenleiding.

In 1936 werden beide exemplaren buitendienst gesteld. Ze werden vervangen door omgebouwde ex. HSM rijtuigen die een eigen aandrijving kregen voor deze werkzaamheden. De grotere ruimte voor het personeel en wat meer comfort (geheel gesloten rijtuig in plaats van een open plaatstalen cabine) zal door het personeel zeker op prijs zijn gesteld.

De kleur van deze locomotieven was bij de HSM bronsgroen met zwart onderstel. Het dak was zeer donkergrijs. De koplampranden waren gepolijst messing, de rest zwart. De bufferbalken waren rood. De kleur van de montagestelling is helaas niet bekend. Aangenomen mag worden dat deze zwart was zoals bij de meeste montagewagens. Het neerklapbare deel van het hekwerk kwam uitgeklapt boven profiel uit en was daarom zeer waarschijnlijk rood geschilderd zoals bij andere HSM montagewagens.
Het is niet bekend of deze machines bij NS nog grasgroen zijn geschilderd zoals alle NS locomotieven van 1921 tot 1928. Mogelijk dat ze ook nog het latere olijfgroen kregen aangezien ze in 1928 nogmaals zijn verbouwd. Aangezien ze geen dienstwagen nummers kregen is vrijwel uit te sluiten dat ze donkergrijs zoals het overige dienstmaterieel zijn geschilderd.

De bouwset:

De kit bevat alle onderdelen om een NS of een HSM model te maken. De kap, veerpakketten met aspotten, buffers en diverse losse delen zijn in kunststof uitgevoerd. Het gehele onderstel met aandrijving, inspectie rek en fijne details zijn in messing etswerk uitgevoerd. Het model is voorzien van aandrijving met mashina motor, wielen, nummerplaten, NEM schacht en duidelijke bouwbeschrijving. De bouwset is op te bouwen met en zonder inspectie rek op het dak.
Zie "bouwbeschrijving" in het menu hiernaast voor meer informatie over de constructie van dit model.

TIP:
Bij inspecties werd vaak een open wagen voor materialen meegenomen, onze HSM zandwagen art. m131 is hiervoor zeer geschikt!

Bouwset: Art. nr. L-81-k            Ä 110,-